Niet lullen maar poetsen.

World On Fire

Dit bekende gezegde van de daadkrachtige Rotterdammers zou best wat vaker in praktijk kunnen worden gebracht.
Neem nou de aanpak van de klimaatcrisis die een hoge urgentie heeft.  Ik ben vaak sceptisch geweest over de kansen op succes.

Kritische Succes Factoren
Toch is een effectieve bestrijding meer dan wenselijk en ook niet uitgesloten. Maar daarvoor moet wel aan bepaalde voorwaarden worden voldaan. Ik noem ze de Kritische Succes Factoren, KSF’s. De belangrijkste KSF is  het besef van de urgentie, gevolgd door een centrale regie bij de aanpak. Dat is in Nederland moeilijk nu blijkt dat dit hoofdpijndossier is ondergebracht in twee ministeries, bij 4 ministers en een staatssecretaris. In plaats van in één ministerie onder één Minister. Aboutaleb bijvoorbeeld. Daarnaast blijft het globaal gezien een probleem zolang ieder land zijn tribale belangen blijft verdedigen. Dan komt er niets van de grond. Dat zijn dus drie bedreigingen.

Bottom up
Lukt het niet van boven af, “top down”, dan maar van onder op “bottum up”. Dat is de eerste kans. Bij “bottum up” kan je in eerste instantie denken aan (kleinschalige) gerealiseerde projecten. Geslaagde en mislukte projecten. Ook mislukte projecten zijn belangrijk. Want wat was de oorzaak, wat kan je van de fouten leren en hoe kan je ze voorkomen? Procesverbetering, een leermoment.

Ervaringen
Wat is er op dat gebied al gebeurd? Het is goed dat uit te zoeken. Je hoeft dan immers niet steeds het wiel opnieuw uit te vinden. Je hoeft niet nieuwe oplossingen te bedenken door denkgroepen (‘thinktanks‘) op te zetten, discussiegroepen te organiseren (fysiek of online) en te brainstormen. Je registreert projecten die her en der al lopen of die geflopt zijn. Er zijn al zat oplossingen. De wereld barst ervan, zowel plannen als realisaties en mislukkingen.

Een oplossing (Uit lesboek chemie VWO)

In kaart brengen
Eerst dus maar in kaart brengen wat er al is, ‘solution mapping’. Zoekmachines inzetten, gebruik maken van ‘Artificial Intelligence’ zoals de Amerikaanse biotech firma Atomwise dat doet bij het zoeken, in miljoenen artikelen en andere bronnen, naar sleutels voor de productie van nieuwe medicijnen op basis van eiwitsyntheses.

Kennisbank
Vervolgens de resultaten van het zoekproces in een database zetten, een internationale kennisbank, een Climate Solutions Database, de ClimaSolBase. De projekten en plannen worden gecategoriseerd naar diverse aspecten: land, soort/aard, grootte, succes/haalbaarheid, financiering etc. Er tekenen zich patronen en samenhangen af. Dat inzicht kan gebruikt worden om bestaande kennis ‘tailor made’ in te zetten. Ik noem dat de tweede kans.

Toepassing
Dat houdt in: (1) dat kennis wordt overgenomen en (2) dat eventueel (internationale) samenwerkingen tot stand gebracht worden. Het kan ook inspireren tot het vinden van nieuwe (practische) oplossingen. Innovatie is vaak het verbeteren van het bestaande. Daarvoor moet je weten wat er al bestaat. Het kan bijvoorbeeld een slimme overlevingstechniek zijn bedacht in een uithoek van de Filippijnen die breed toepasbaar blijkt te zijn. Een ecologische ‘survival of the fittest’. Darwin in de bestrijding van de klimaatcrisis.

Geen centrale regie
Je omzeilt hiermee ook de tweede bedreiging. Centrale regie is niet nodig, ieder land behoudt zijn autonomie. De ClimaSolBase is een virtuele bron van kennis die de wereld omspant.

www.ClimaSolBase

Middelen
Wat heb je nodig voor het opzetten van de ClimaSolBase? Allereerst een plan van aanpak, een ‘business plan’. Vervolgens een budget, waarvoor je lobbyisten nodig hebt. Dan moet je deskundigen hebben voor het opzetten en daarna vullen van de kennisbank. Als dat allemaal voor elkaar is moet je wereldwijd publiciteit aan de ClimaSolBase geven om de input, de aanmelding van bestaande projecten, en het gebruik (de output) van de database te stimuleren.

Uitvoering Estland?
Het opzetten van de ClimaSolBase zou gevraagd kunnen worden aan Estland (e-Estonia) dat zowel ver is in de ontwikkeling en beveiliging van digitale diensten als ook bereid lijkt te zijn tot samenwerkingen op digitaal gebied.

Mining
Het komt dus neer op de ontginning (‘mining’) van bestaande, bruikbare en toepasbare kennis in plaats van weer in een kleine ‘bubble‘ te zoeken naar nieuwe oplossingen. De kans is groot dat oplossingen die bewezen hebben te werken ook draagvlak hebben. Een kwestie van geloofwaardigheid.
De derde kans is de betrokkenheid van de jonge generaties.
Per saldo: drie bedreigingen en drie kansen. Of het lukt? Niet reactief maar proactief handelen. Maar het belangrijkste: niet lullen maar poetsen.

Edwin Kisman

 

Over de inzet van AI zie

Atomwise

Meer over e-Estonia, de digitale staat Estland in

Komt er een Minister van Digitale Zaken? Een goed idee? – dec 2021

Lees ook eerdere columns over de klimaatcrisis

Apocalypse Magazine. Een eigentijds klimaatblad – 27 sep 2019

Apocalypse Magazine wordt Apocalypse Nu – 4 okt 2019

Apocalypse 3. Als lemmingen naar de afgrond – 17 okt 2019

De pandemie een ‘man-made’ extinction – 9 apr 2020

Journal of Apocalypse Science (JAS). Corona en Stikstof onder één dak.- 3 juli 2020

Stikstof komt weer uit de kast. Na een coronastilte – 15 okt 2020

Klimaatcrisis, De slimste overleeft – 27 jan 2021

 

 

Print Friendly, PDF & Email

Klimaatcrisis en digitale chaos, urgente zaken? Hoezo?

Helaas. Ik hoorde (ik lees geen kranten meer) dat er géén Minister voor Digitale Zaken komt, een minister waar diverse partijen (zie leeslijst) voor hebben gepleit en ik ook. ’t Wordt een Staatssecretaris, slechts. Geen bovenbaas om met Marten Toonder te spreken. Bovendien, een onderbaas met nog een andere klus, Koninkrijksrelaties. Nou, dan weet je het wel. Dat wordt de helft van de tijd mobiel werken op het zonnige Aruba.

Staatssecretaris met ervaring
Een voordeel is dat de nieuwe Staatssecretaris al ervaring heeft met Toeslagen. Onder haar bewind groeide immers de uitvoering van die sociale maatregel uit tot een affaire.
Geen Minister, maar Staatssecretaris, tweede garnituur. Niet de statuur en het gezag van een minister. Ze mag opdraven in het overleg in de Ministerraad als haar beleidsterrein aan de orde is, maar ze heeft geen stemrecht. Behalve wanneer ze haar Minister vervangt. In het buitenland mag ze wel met “Minister” worden aangesproken, bijvoorbeeld als ze een weekendje naar Antwerpen gaat. Goed voor d’r ego.

Geen urgentie
Wat betekent dit? Géén urgentie van het Kabinet voor digitale zaken. Kennelijk zijn over ‘t hoofd gezien: een chaotische en falende overheids ICT in 2019, gevolgd door een toeslagenaffaire (foute input in het algoritme. ‘Garbage in-garbage out’.), de zwarte lijst van de Belastingdienst en de veiligheidslekken (Citrix en Apache Log4j). Duidelijk: de vorige Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken, Raymond Knops, heeft er ook niet veel van gebakken, hoewel hij grensoverschrijdende samenwerking ICT en identiteitsgegevens in zijn portefeuille had. Raymond was meer met zijn hoofd op de Caraïbische eilanden en bij de verbouwing van het Binnenhof.

Ambitie te over
Ik heb de taakomschrijving van de nieuwe Staatssecretaris Digitale Zaken bekeken. Een breed pakket waaronder ook, heel goed,: beperking regeldruk voor burgers en digitaliseringsstrategie voor Nederland. Wat kunnen we dáár van verwachten? Overigens valt het Nationaal Cyber Security Centrum niet onder haar verantwoordelijkheid. Toch ook een digitale klus? Die wordt onder de hoede van de Minister voor Justitie en Veiligheid gesteld.
De taakomschrijving van Alexandra van Huffelen is indrukwekkend en ambitieus, misschien wel té ambitieus. Het oogt als het profiel van e-Estonia. Ze heeft in vergelijking daarmee een probleem: zij kijkt tegen een achterstand van twee decennia aan.
Kortom, de aanpak van het ICT probleem straalt géén urgentie uit, terwijl het toch de smeerolie van het overheidsbedrijf is. Een centrale gezaghebbende regisseur ontbreekt. Een Minister van Digitale Zaken.

Klimaatcrisis ook niet urgent?
En hoe staat het met de urgentie bij de aanpak van de klimaatcrisis. Hoe dringend is de aanpak daarvan? Aan dit probleem blijken vier Ministers in twee Ministeries te gaan werken: de Ministers van  Economische Zaken en Klimaat (EZK), Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV), Klimaat en Energie (EZK), Natuur en Stikstof (LNV). En ook nog een Staatssecretaris Mijnbouw (EZK). Een leuk volleybalteam. Zijn die partijen in staat tot synergie of wordt het ieder voor zich en God voor ons allen?
Van de broodnodige centrale regie lijkt ook op dit onderwerp geen sprake. Wat we missen is : één Ministerie Klimaat geleid door één gezaghebbende, voortvarende spelverdeler, met vergaande bevoegdheden, die minder poldert en die bereid is impopulaire maatregelen te nemen.

Haast?
Nou kan je, kijkend naar vroegere klimaatcrises, zeggen dat het zo’n vaart niet loopt. Neem de Perm-Trias extinctie, “The Great Dying, a real mass extinction”, zo’n 250 miljoen jaar geleden, waarin 95% van alle in zee levende soorten uitstierven, ongeveer 70% van de gewervelde landdieren en ook eenderde van alle insectensoorten. Maar ja, die uitsterving deed er wel 1 miljoen jaar over ( inderdaad 10.000 eeuwen). Geologisch gezien een snel tempo.
En neem dan de Krijt-Paleogeen extinctie zo’n 66 miljoen jaar geleden toen een meteoor insloeg op het schiereiland Yucatán (Mexico). Een jarenlang verduisterde hemel. Planten waren niet meer in staat tot fotosynthese, grazers hadden geen voedsel, carnivoren geen prooien meer. Hoe snel ging dat? Zo’n enkele tienduizenden jaren ( 200 eeuwen). Waar hèbben we ‘t over?
Het gaat nù vooral om het species “mens”, dat op de afgrond afstormt. Een proces dat eigenlijk begon in 1750, het begin van de industriële revolutie. Het moment waarop grootschalige industrie begon te produceren, produkten en afval (vast en gasvormig), waarop de afnemers van die produkten begonnen te consumeren, en zelf afval begonnen te maken, daarbij de industrie aanzettend tot een hogere productie. Zelf versterkend. Dat alles exponentieel versneld door een rappe groei van de wereldbevolking, die in welvaart steeg en daardoor ook meer ging consumeren. Opwaartse spiraal.

Jazeker haast!
Wat cijfers over de groei van de wereldbevolking: 790 miljoen in 1750 aan het begin van de industriële revolutie, 8.910 miljoen (prognose) in 2050. Ruim 14 maal zoveel, in drie eeuwen.
Bovendien gaat het bij deze ‘man made extinction’ niet om willoze dino’s en sabeltandtijgers maar om de homo sapiens, intelligente primaten, die in staat geacht kan worden de ramp die hij zelf veroorzaakt heeft, te voorkomen. Dat vraagt om actie, niet over enkele eeuwen maar over hooguit over één decennium. Een nanoseconde op het geologische etmaal. De hóógste tijd, urgent dus. Formeer het klimaatcrisis team! Niet vier Ministers en een Staatssecretaris uit twee Ministeries.
Nee, een team onder een centrale gezaghebbende leiding in één ‘dedicated’ Ministerie.

Edwin Kisman

Lees de artikelen in AG Connect over een Minister van Digitale Zaken
Digitale sector: zorg voor minister van Digitale Zaken
AG Connect 19 mei 2021

Minister van Digitale Zaken, voor toezicht op AI
AG Connect 7 juni 2021

VNG: Minister Digitale Zaken kan een grote rol spelen
AG Connect 23 sep 2021

Dit wil de coalitie met digitale zaken
AG Connect 15 dec 2021

…en ook mijn column, waarin ook e-Estonia aan de orde komt

Komt er een Minister voor Digitale Zaken? Is dat een goed idee?
Vakblad 20 december 2021

Print Friendly, PDF & Email

Geheimtaal: de taal die alleen wij begrijpen

Zij begrijpen het niet

Een taal die alleen door de binnenwereld (wij) begrepen kan worden maar niet door de buitenwereld (zij). Geheimtaal. Soms doelbewust gebruikt, bijvoorbeeld in (potentiële) oorlogssituaties, vertrouwelijk e-mailverkeer of in criminele telefoonnetwerken. “De vijand luistert mee”. Soms niet doelbewust, bijvoorbeeld in de communicatie tussen horenden en doven waarbij een gebarentolk vertaalt of bij vreemdtaligen van wie je de taal niet spreekt, zoals Esperanto. Daarbij heb je dan handen en voeten nodig of een tolk. Tegenwoordiger schijnt dat ook gerobotiseerd te kunnen zoals door Enence, de “directe gespreksvertaler”.

‘Navajo’s Spoken Code’
Tijdens de Tweede Wereldoorlog hadden de Amerikanen in de Pacific oorlog ontdekt dat er een speciale Indianenstam, de Apache-Navajo bestond, waarvan speciaal getrainden (Code Talkers) een taal spraken die verder niemand verstond. Een eigen ontwikkelde taal op basis van het Navajo. Dus werden die Code Talkers door het US Marine Corps achter zendapparatuur gezet. De Japanners wisten dat het om het Navajo ging en probeerden een, op de Filpijnen gevangen, Navajo artillerist tot vertaling te dwingen. Het lukt de arme man niet omdat hij niet ingewijd was in de taal van de Code Talkers.

Enigma
De Enigma (=Grieks voor ‘raadsel’) was een elektromechanische codeermachine die in de jaren twintig in Duitsland op de markt werd gebracht. Zij werd tijdens de Tweede Wereldoorlog door de Wehrmacht gebruikt vanwege zijn hoge cryptografisch veiligheidsniveau, maar al tijdens de oorlog gekraakt door de Pool Rejewski. Dat feit wordt overigens ook aan de Brit Alan Turing toegeschreven (zie de film The Imitation Game). De Wehrmacht wist niet dat gebeurd was zodat de geallieeerden tot het einde van de oorlog inzage hadden in geheime Duitse berichten. Het betekende in een enkel geval ook dat een geallieerd konvooi niet gewaarschuwd werd en ten prooi viel aan Duitse U-boten. Uitsluitend om het geheim te bewaren van de gebroken code. Oorlogsboekhouding.

Vercijferen in vredestijd
Ik werd al tijdens mijn studie in m’n kraag gepakt door de Koninklijke Landmacht. Lichting 60/IV. De winter in Ede, de Elias Beekman Kazerne. In het weekend op een Lambretta scooter tussen Amsterdam en Ede, 90 km/u, heen en weer. Met vriend en mededienstplichtige Wim Hieselaar achterop. Over de snelweg (!), dat kon toen nog. Na een basistraining verhuisde ik naar de School Reserve Officieren Verbindingsdienst (SROV). Daarna kreeg ik, als verse vaandrig, de taak eenmaal per twee maanden een klasje toekomstige officieren in te wijden in het vercijferen van berichten. Veel Delftenaren. Nato Secret. Vercijferaars die met hun Hagelin vercijfermachines een eenheid zouden vormen met de verzenders van de cruciale boodschappen: de telegrafisten en lijnwerkers.

Hagelin
Bij gebrek aan Navajo’s moest het Nederlandse leger het doen met de Zweedse codeermachines. Zulke waarvan je eerst de sleutel moest instellen, waarna je met een toetsenbord je tekst kon coderen. Af en toe draaiend aan een zwengel. Nee, er zat in die tijd nog geen electromotor in, zoals bij de Enigma. Ik zwaaide af als tweede luitenant en kreeg enkele jaren later eervol ontslag op grond van “onverenigbaarheid met journalistieke werkzaamheden”. Aan vercijferen doe ik sindsdien niet meer.

Real time encryptie
e-Mails kunnen ook versleuteld verzonden worden. Dat kan bijvoorbeeld door een sleutel, een lange reeks willekeurige tekens, toe te passen bij de versleuteling en bij de ontcijfering van een bericht (symmetrische versleuteling). Veiliger is de asymmetrische versleuteling waarbij de sleutel uit twee delen bestaat: een “publiek” deel en een persoonlijk deel. Zender en onvanger hebben beide deelsleutels en verzenden met het publiek deel en versleutelen en ontcijferen met het persoonlijk deel van de sleutel. Windows schijnt ook ook de mogelijkheid van versleuteling te bieden met zijn Encrypting File System. Het versleutelen van telefoongesprekken gebeurt automatisch, in ‘real time’.

Gecodeerde artikelen
Soms lees ik artikelen waarvan ik denk, wat bedoelt hij of zij nou?  Het resultaat van ‘windowdressing’, driftig gebruik van deftige ‘in-crowd’ termen. Een soort geheimtaal, waarvan ik de sleutel niet ken. Een narcistische uiting, die na wat gepuzzel soms een niet eens onaardige redenering blijkt te bevatten. Was op één pagina A4 duidelijker geweest.

Edwin Kisman 

Print Friendly, PDF & Email
1